Schijtluis boekrecensie

Door Marieke Kops

Schijtluis boekrecensie

Marjolijn van Kooten is een studente van 23 jaar als ze voor het eerst te maken krijgt met een paniekaanval. Dit is het begin van haar leven met een angststoornis, waarin ze diepe dalen kent en zelfs suïcidale gedachten krijgt. In Schijtluis schrijft Marjolijn van Kooten zeer openhartig en met humor over haar leven sinds die eerste paniekaanval.

De diagnose

De diagnose luidt ‘paniekstoornis met agorafobie’. Marjolijn is voortdurend bang om een paniekaanval te krijgen en heeft angst voor onverwachte situaties buitenshuis. Zo wordt reizen met het openbaar vervoer een haast onmogelijke onderneming voor haar. En de bijkomende WC-fobie maakt het er allemaal niet makkelijker op.

De paniek kroop heel langzaam mijn lijf in. Bijna stiekem. En na die gluiperige overname van mijn lichaam was alles anders. Het ene moment was ik een stoere jonge vrouw op de universiteit en het andere moment was ik een zorgelijk, tobbend wezen, met antidepressiva en kalmeringspilletjes op zak en een agenda vol therapie-afspraken(…)
(Schijtluis pagina 7)

Een op de vijf mensen

De diagnose van Marjolijn van Kooten is geen zeldzaamheid, één op de vijf mensen heeft last van angststoornissen. Een enorm aantal en des te opmerkelijk dat het taboe en de schaamte rond dit onderwerp nog zo groot is. In Schijtluis vind je tussen de verhaallijn van Marjolijn ook stukjes uit het leven van Sylvia Witteman, René van der Gijp en Ingmar Heytze. Alledrie bekend en succesvol, maar ook zij leven met de last van een angststoornis.

Openhartig dagboek

Marjolijn van Kooten wisselt haar verhaal af met stukjes uit haar dagboek, zo is Schijtluis een chronologisch boek geworden waarin je de ontwikkeling van de angststoornis op de voet volgt. De openhartigheid van Marjolijn in combinatie met haar zelfspot is ontwapenend. De humor en soms luchtige toon verbloemen echter de ernst van het onderwerp niet, je voelt hoe verder je in het boek komt de onmacht en de wanhoop die Marjolijn in de greep houden. Het eindeloze gepieker over wat er allemaal mis kan gaan, het perfectionisme dat Marjolijn zichzelf oplegt, haar lage zelfbeeld, eenzaamheid en geworstel met (de bijwerkingen van) medicijnen zijn pijnlijk invoelbaar.

Acceptatie in plaats van ontkenning

In de eerste periode is de schaamte over de angststoornis groot. Marjolijn kan het zelf niet accepteren en het aan anderen vertellen is helemaal een brug te ver. Ze houdt het toneelstukje lang vol, ze klampt zich vast aan de grappige gangmaker die ze altijd was. Pas veel later komt mondjesmaat de acceptatie en het besef dat ze ermee moet leren leven in plaats van het ontkennen en er tegen vechten. Dan heeft ze al heel wat dieptepunten doorgemaakt, zoals tijdens de feestdagen van 1998:

Tijdens de kerstdiners denk ik al aan de kerst van 1999. Zal ik er dan nog zijn? Zoals ik het nu zie is de kans daarop vijftig procent. In 1999 kunnen er twee dingen gebeuren: of ik genees en word eindelijk mezelf en gelukkig, of ik pleeg zelfmoord. Er gaat in ieder geval iets veranderen dit jaar, dat is zeker.
(Schijtluis pagina 59)

Cabaret

Op advies van haar psychiater Bram Bakker – die ook het voorwoord van Schijtluis voor zijn rekening nam – gaat Marjolijn haar passie volgen: ze gaat werken aan een theatervoorstelling. Meerdere malen overweegt ze te stoppen omdat de angst haar opbreekt, toch is ze er op het moment suprême steeds. Dat is zeer bewonderenswaardig, want de paniek die haar voor een voorstelling in de greep kan houden is zo beklemmend, dat je elke keer weer een zucht van verlichting slaakt als je leest dat ze toch het podium op is gegaan. En met succes, het publiek is enthousiast en ze wordt steeds meer geboekt. Wat uiteraard weer extra spanning oplevert, maar uiteindelijk levert het haar ook energie en inspiratie op. Precies die broodnodige tegenhangers van angst waar haar psychiater op doelde.

Conclusie

Ondanks dat de angst overheerst, lijkt Marjolijn toch steeds haar momenten te pakken. Ze ontmoet de juiste mensen in haar vak, krijgt een lieve en zorgzame vriend en ze bouwt een nieuwe carrière op. Ze neemt moedige stappen die zelfs voor iemand zonder angststoornis al behoorlijk spannend zijn. Je wenst haar eigenlijk innerlijke rust en tevredenheid toe om dit zelf ook in te zien. Het boek Schijtluis zal een bron van herkenning en steun zijn voor mensen die ook leven met een angststoornis. Daarnaast kan Schijtluis voor naasten een belangrijke eye-opener zijn om te begrijpen wat angst met iemand doet. Dat Marjolijn van Kooten dát onder woorden heeft kunnen brengen, is het grote geschenk van dit boek.