Recensie Ja zeggen als het kan, Nee als het moet

Door Marieke Kops

recensie ja zeggen als het kan
Schrijfster Pamela Druckerman komt uit de Verenigde Staten. Toen ze in Parijs ging wonen was ze positief verbaasd over de manier waarop Franse kinderen zich gedragen en hoe ontspannen de Franse ouders zijn. Het boek Ja zeggen als het kan, Nee als het moet is de opvolger van haar succesvolle debuut Franse kinderen gooien niet met eten. In het boek vind je 100 opvoedadviezen die gerelateerd zijn aan de Franse manier van opvoeden.

De verschillen in opvoeding

Pamela Druckerman, moeder van drie kinderen, werd steeds nieuwsgieriger naar het ‘geheim’ van de Franse opvoeding. Ze verdiepte zich in dit onderwerp in zowel theorie als praktijk en constateerde essentiële verschillen met de Amerikaanse manier van opvoeden. In de inleiding van Ja zeggen als het kan, Nee als het moet benoemt ze onder andere de volgende verschillen:

  • Amerikaans: kinderen zo vroeg mogelijk cognitieve vaardigheden aanleren.
    Frans: in de eerste levensjaren ligt de nadruk op gewaarwording en sociale vaardigheden.
  • Amerikaans: kinderen moet je stimuleren.
    Frans: ontspanning is minstens zo belangrijk.
  • Amerikaans: een kind iets weigeren is lastig.
    Frans: een kind dat altijd zijn zin krijgt, kan later niet met frustratie omgaan.
  • Amerikaans: de focus ligt op het resultaat van de opvoeding.
    Frans: de kwaliteit van het leven van een kind is net zo belangrijk.
  • Amerikaans: dat kinderen het gezinsleven bepalen is normaal (gebroken nachten, driftbuien, niets lusten en gesprekken onderbreken).
    Frans: dat kinderen op die manier het gezinsleven bepalen is ondenkbaar. Als het gezinsleven alleen om de kinderen draait, is dat voor niemand goed, ook niet voor de kinderen.

De opvoedadviezen

Na de inleiding volgen de 100 Franse opvoedadviezen die Pamela Druckerman heeft verzameld. Ze benadrukt dat het geen blauwdruk is, maar een richtlijn. De Fransen hebben als uitgangspunt dat elk kind anders is en elke fase een ander accent vraagt, zonder de principes – het zogenaamde cadre uit het oog te verliezen. De opvoedadviezen zijn onderverdeeld in verschillende onderwerpen, zoals de zwangerschap, de eerste maanden van de baby (het leren doorslapen) en voeding. Een opvallend pluspunt van de Franse opvoedadviezen is dat er ook veel aandacht wordt besteed aan de relatie tussen partners na de komst van kinderen.

Franse kinderen gooien niet met eten

In Franse kinderen gooien niet met eten gaat de schrijfster uitgebreider in op de Franse opvoeding, gecombineerd met haar persoonlijke ervaringen als Amerikaans gezin in Frankrijk. Een zeer vermakelijk én leerzaam boek. Het boek Ja zeggen als het kan, Nee als het moet is eigenlijk een beknopte samenvatting van Franse kinderen gooien niet met eten.

Verschil tussen de twee boeken van Pamela Druckerman

Beide opvoedboeken van Pamela Druckerman zijn interessant. Franse kinderen gooien niet met eten is met bijna 300 bladzijdes goed leesvoer als je meer diepgang en achtergrond zoekt. Het boek leest als een dagboek waar je ondertussen veel van opsteekt. Ja zeggen als het kan, Nee als het moet (160 pagina’s) is geschikter voor ouders die liever concrete adviezen willen, zonder het hele achtergrond verhaal.

Conclusie

Ja zeggen als het kan, Nee als het moet is een leuk en nuttig boek(je). Pamela Druckerman heeft op toegankelijke wijze de Franse opvoedprincipes beschreven. Fascinerend is het onderdeel over eten. Franse kinderen leren van jongs af aan als kleine fijnproevers gezond te eten. Je mond valt open van verbazing als je leest wat het driegangen(!) weekmenu is van een Franse crèche. Na het lezen van het boek zie je dat de Nederlandse manier van opvoeden en de huidige opvoedproblemen in grote lijnen overeenkomsten vertonen met de manier waarop het in de Verenigde Staten gaat. Ook wij kunnen zeker wat leren van de Franse opvoeding. Ja zeggen als het kan, Nee als het moet is daarom ook heel geschikt als cadeautje voor aanstaande ouders of als kraamcadeau.